Nieuws archief

Coenecoop Kolonie bijzonder verschijnsel

foto_martin1Waddinxveen - De Libelle zomerweek, een huishoudbeurs, de Dolle Dwazen Dagen van een grote winkelketen: drie locaties waar veel vrouwen bijeen komen. Voeg daar gerust de Kanaaldijk 30a in Waddinxveen aan toe. In de zomer verschansen zich driehonderd vrouwelijke meervleermuizen op het bedrijventerrein naast de Coenecoopbrug.

Dat is niets nieuws volgens Martin Mos en Martijn van Schie, beiden werkzaam voor Natuurmonumenten. De vrouwelijke meervleermuizen vertoeven al jaren ’s zomers in het pand en hebben mede daarom de naam Coenecoop Kolonie verworven. Inmiddels is het pand met een gift opgekocht door Natuurmonumenten en worden de dieren goed beschermd en daarnaast onderzocht. Mos: “We letten wel op cultuurhistorische zaken maar een bedrijventerrein valt daar in principe niet onder. Als Natuurmonumenten hebben we besloten om dit pand toch te kopen om dit stukje ‘natuur’ toch te behouden.” Het pand zelf vertoont geen sporen van aanwezigheid; de vleermuizen bevinden zich in de spouwmuur.

Feministisch fladderen
Driehonderd vleermuizen waarvan de meeste vrouwen – er zijn natuurlijk ook mannelijke jongen bij – het is een soort feministisch fladderen. “Wat dat betreft is het net een kostschool: de mannen en vrouwen blijven gescheiden. Alleen voor de bevruchting komen ze samen”, vertelt van Schie over de vrouwelijke bevolking. De Coenecoop Kolonie is met haar aantal goed voor drie procent van de Nederlandse meervleermuizenpopulatie. “Het is een zeldzame soort die zowel in Europa als in Nederland beschermd is”, vertelt Van Schie. De meervleermuizen vertoeven ’s zomers in Waddinxveen omdat ze graag voedsel vergaren – ‘foerageren’ in het jargon van Mos en Van Schie – boven open wateren zoals ’t Weegje en de Nieuwkoopse Plassen. In de winter zoeken de meervleermuizen hun heil in bijvoorbeeld de Limburgse mergelgroeven. De temperatuur is daar constanter en daarmee is hun overlevingskans groot.

Voor liefhebbers is de vleermuizenkolonie een verschijnsel om de vingers bij af te likken. Omdat het pand waar de meervleermuizen vertoeven naast een meubelzaak is gelegen, is de buurman er minder blij mee. “Het zijn geen kwade dieren maar ze hebben geen toilet. Kortom: ze laten wel eens iets lopen en dat kan penetrant ruiken”, aldus Van Schie. Het gebeurt regelmatig dat een kolonie wordt uitgeroeid. “De boetes zijn relatief laag, zodat een commercieel bedrijf daar eerder voor kiest. Als je jaarlijks schade hebt en je krijgt drieduizend euro boete om het probleem te verhelpen is de keuze snel gemaakt”, vertelt Van Schie. De buurman is gelukkig redelijk vleermuisgezind. Daarnaast kan er gewerkt worden aan een systeem dat ervoor zorgt dat de vleermuizen niet ‘overlopen’ naar de buren.

De vleermuizen houden namelijk van hitte en dat zoeken ze bij de buurman. Nu Natuurmonumenten eigenaar is van het pand, kan de organisatie de vleermuizen het hof maken. “We hebben de spouwmuur vergroot en een aantal verwarmingspanelen geplaatst, die deels gevoed worden door zonne-energie”, zegt Van Schie. Daarnaast zijn er webcams geplaatst waarop de vleermuizen te volgen zijn. Dat is voor de onderzoekers uiterst interessant omdat het doen en laten van de vleermuizen gecontroleerd kan worden. Voor iedereen zijn de beelden overigens beschikbaar. Op internet zijn de meervleermuizen dus vierentwintig-zeven te volgen. De webcams zijn gefinancierd door de Zoogdiervereniging in het kader van het Jaar van de Vleermuis, een biologische koosnaam voor 2011.

Voor Mos en Van Schie, die boswachters zijn, is het pand op het bedrijventerrein geen vaste werkplaats. “Natuurmonumenten is hier natuurlijk wel actief voor onderhoud”, aldus Mos. Het werkterrein van de twee boswachters ligt vaak elders; aan de Kanaaldijk is het wetenschappelijke front. Anne Jifke Haarsma is de expert op het gebied van meervleermuizen en mede dankzij haar wordt er zoveel aandacht besteed aan de Coenecoop Kolonie.

Voor de echte belevenis moet men achter de computer vandaan komen en naar het pand toe gaan. “Als je rond zonsondergang voor dit pand gaat staan kun je de vleermuizen uit zien vliegen. Soms vliegen de dieren aan deze kant uit, soms aan de andere kant maar dat is moeilijk te voorspellen”, legt Van Schie uit. Mos loopt naar buiten en toont de uitgangen van de vleermuizen. De camera’s zijn erop gericht en zijn het enige zichtbare vanaf de Coenecoopbrug. Voor hondsdolheid ofwel rabiës hoeft men niet te vrezen bij een eventueel bezoek. Van Schie: “Het is nog nooit gebeurd dat er iemand in Nederland rabiës heeft gekregen van een vleermuis. Het kan alleen gebeuren als je gebeten wordt en dat gebeurt alleen als je een vleermuis vastpakt. Zelfs dan is de kans nog bizar klein.”

Nieuwsgierig naar hoe het de vleermuizen vergaat? http://www.natuurmonumenten.nl/batcam

Auteur: Pepijn de Groot
Bron: Hart van Holland online, 14-7-2011, zie link